Je bent niet ingelogd. Log in of registreer je

Ga naar pagina : Vorige  1, 2

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down  Bericht [Pagina 2 van 2]

16 Re: Het verhaal van Nórë op zo 5 feb - 19:51

Fawn


Faye schreef:Mylae

Er was niets zo kenmerkend als de geur van water en steen, kenmerkend omdat het in feite geen geur had. Net zoals het geluid van opstijgend water- doodstil . En de kleur van de donkerste duisternis, een eindeloze diepte. Zij hield ervan, van het gebrek aan zintuigelijke waarnemingen. Dan voelde ze niets, waren er geen indrukken die een golfslag konden veroorzaken op haar ziel, haar betoverde ziel die iedere roering weerspiegelde op een anders zo’n vlak mogelijk meer. Het voelen van niets, het was een heerlijke ervaring voor de merrie, eentje die haar zo bevrijdde dat ze het niet te vaak deed uit angst dat ze er te afhankelijkheid van werd. Maar soms had je van die dagen dat je je eigen, persoonlijke drug meer nodig had dan andere. En daarom was de merrie met de-kleur-van-de-opkomende-zon op weg naar de grot waar het water ondersteboven stroomde. Ze verlangde naar de verademing van het niets voelen, van het niet op je hoede hoeven zijn en naar het gevoel van ontspanning. De honger vrat aan haar, het borrelde in haar bloed en klauwde onder haar huid. Met half gesloten ogen – ze zag enkel nog kleine delen van haar omgeving en de kenmerkende traanvormige druppels van vloeibaar goud aan het einde van haar wimpers- dribbelde Mylae ongeduldig naar de plek waartoe ze zo verlangde, al het andere in haar omgeving buiten sluitend. De wereld was rond. Magie had de wereld gevormd, had haar gevormd, vervloekt. Ze herhaalde een reeks zinloze feiten in haar hoofd, om zich te concentreren op het behouden van het rimpelloze meer.

Uiteindelijk was ze op de plek van bestemming aangekomen. Het rauwe, hongerige gevoel kwam tot een hoogtepunt en vervolgens liet Mylae een lange zucht over haar lippen rollen. De spieren in haar rug ontspanden, ze sloot haar ogen en genoot van het niets. Tot dat ze, toen ze langzaam en kalm inademde, zich bewust werd van iets wat hier niet hoorde. Of eigenlijk, iets wat ze niet verwacht had. Want niets was zoals het hoorde in Nórë. Ze ademde nogmaals in, snoof zachtjes de lucht op en heel even kwam de schok. Er was hier al iemand anders aanwezig. Een klein golfje spoelde aan op de kust in het rimpelloze meer en even was het alsof de luchtdruk om haar heen veranderde, maar voor dat er ook maar iets kon gebeuren kapte Mylae de golf af, voordat er een storm ontketend zou worden. Ze draaide haar oren naar achteren, behoedzaam. “Wie is daar?” Mompelde ze zacht, omdat ze wist dat de echo van haar stem het geluid nog meters ver kon dragen, voordat deze gepresenteerd werd aan haar doel.



Morrow:
Er was niet veel wat haar bezig hield. Of wel. Dat wist ze eigenlijk niet. Niet meer, niet na alles wat er door haar geheugen geglipt was. Altijd had ze zich tenslotte begeven in het oog van de storm, niet bewust van wat er om haar heen gebeurde, gaande was. De oranje hals zakte ontspannen en Morrow stak haar neus uit naar het oppervlak. Gulzig liet ze het lichtgevende water door haar keel glijden, haar warme lichaam verkoelen. Ze voelde het. De magie... om haar heen. De merrie sloot haar ogen terwijl ze stopte met drinken, desondanks onbeweeglijk stil bleef staan. Ze voelde hoe het om haar heen kronkelde als een schild, hoe het langs de hoge wanden van het meer gleed, in het water zat, in de lucht die ze opsnoof. Hoe het bewoog wanneer zij bewoog. Hoe het sliep wanneer zij sliep. Hoe het opbloeide wanneer ze genoot van een flinke rengalop.
Plots, zonder waarschuwing, spatte de magie om haar heen. De schrok. De verschrikkelijke plotselinge ángst wat haar ogen in een flits deed openen, haar spieren deed verstijven De magie ontplofte, alsof de kleinste atoompjes allemaal in één keer barstte. Het geluid vulde haar oorschelpen als dat van grof schuurpapier. Haar lichaam schrokte, net als de wereld om haar heen. Blauwe schijnende vegen gleden langs haar lichaam, spatte tegen de wanden uiteen en veroorzaakte een regen van vonken.
Toen keerde de stilte terug. De wereld zakte weer in zijn oorspronkelijke staat terug. Ze hoorde enkel nog maar haar ademhaling en de wilde hartslag die haar borstkas inbeukte alsof het probeerde te ontsnappen, haar lichte groenblauwe ogen wijd opengesperd. Een stem een stem een stem een stem. Verwoed kneep ze haar ogen dicht, vond zichzelf zover ze wist waar het was weer terug. Diep ademde ze een volle teug lucht in. Stelde vast dat haar stem weer vast en zeker zou klinken wanneer ze hem zou gebruiken. Met enkele rimpels onder haar lange krullerige roomwitte voorpluk liet ze de klanken over haar tong glijden, wetend dat als zij Die Stem horen kon het ook andersom gold: ‘Morrow.’ De verbeten, bijna geïrriteerde klanken rolde zonder teveel moeite over haar lippen terwijl ze stug bleef staan. Ze was zo'n goede leugenaar. ‘Wie ben jij?’


_________________

Got a secret Can you keep it? Swear this one you'll save
Better lock it in your pocket Taking this one to the grave
If I show you then I know you Won't tell what I said
Cause two can keep a secret, if one of them is dead

17 Re: Het verhaal van Nórë op zo 5 feb - 20:15

Streya


Visual schreef:Kayla

Haar zilveren vacht golfde over haar huid heen terwijl ze zorgvuldig haar schijnende benen neerzette. Bah, ze wilde haar magie verbergen, niet laten showen. Gewoon doen alsof ze door omhooggaand water is heen gelopen, of een plantje heeft gegeten waardoor haar benen schitteren. Wie gelooft haar nou. Het was overduidelijk, maar de meeste paarden hadden het niet bij haar opgemerkt, dat hoe meer magie ze binnenkreeg, hoe feller haar benen werden, evenals hoe meer haar ogen kleur kregen. Bij geen magie zou ze gewoon zwarte ogen gehad hebben. Die had ze een aantal tellen na een van haar emotie-uitbarstingen. Niet dat ze daar veel op lette: Maar ze stond een keer in het water en tja. Water reflecteert. Soms. Maar de magie was er, en ze was magie. Alles was magie. En ze had er een hekel aan. Niet alleen zij, maar ook anderen paarden konden gebruik maken van die magie. Het beviel haar niet. Elk weldenkend slecht paard kon alles wegvagen, met wat meer magie dan gemiddeld. Ze wilde een wereld zonder magie. Een keertje had ze een paard ontmoet. Het was een helderdenkende merrie, zo lief en barmhartig. Ze vertelde haar over de wereld zonder magie. Hoe water naar beneden stroomde, hoe alles volgens de wetten der natuur waren, en hoe deze wereld vervloekt was. Ook al wist ze zelf niet eens hoe de wereld vervloekt was geworden. Ze had geen verre voorouders die heldhaftige dingen hadden gedaan. Tenminste, niet dat ze het wist. Haar ouders waren doorsnee solitaire paarden. Doorsnee als in de vervloekte wereld. Zou er een oplossing zijn, een oplossing voor dit eeuwenoude probleem? Ze wist niet eens of het eeuwenoud was. Ze wist alleen dat het er was. En dat het eerst anders was.

Ze spitste haar oren. Een geluid. Ze kon er niet veel van verstaan. Een paar tellen later: weer een geluid van ver, het klonk als 'hallo?'. Wat zou dat zijn? Nieuwsgierig ging ze er met een drafje op af, alleen maar om een driekleurige hengst te zien, met paar paarse plekjes, merkte ze een paar tellen later op. "Had je het tegen mij?" vroeg ze aan de hengst. Het kon haast niet want ze was van schuinachteren naar de hengst gekomen, tenzij de hengst haar wel had opgemerkt, en te lui was om zich om te draaien. Ze wachtte op een antwoord, terwijl het water met denderend geluid naar boven stroomde. Zoals normaal was in deze vervloekte wereld.



Zeddocus z'ull Olander



niets weerhield hem ervan de geur van een merrie te ruiken. Niets weerhield hem ervan om beter dan andere te kunnen ruiken. Niets weerhield hem ervan beter te horen dan anderen. Niets weerhield hem ervan om beter te kunnen kijken. Maar ook niets weerhield hem ervan, om felle kleuren niet aan te kunnen zien, om te fel te reageren op sterke geuren. En niets weerhield hem ervan om harde geluiden niet te weerstaan. Daarom was hij wat deze dingen betreft altijd extreem voorzichtig. Een geur kwam dichterbij. Sneller, duidelijk achter hem. Zedd schudde zich uit. Draaide zichzelf om toen de merrie begon te praten 'Had je het tegen mij?' Had ze gevraagd. Zedd knikte langzaam, het was misschien lichtelijk logisch dat hij het tegen haar had. ''Ik had het tegen degene die ik hoorde. Maar dat kunnen desondanks nog steeds paarden van één kilometer verder opzijn. Zeddocus z'ull Olander, is de naam. Je mag me Zedd noemen.'' Zijn woorden waren in het begin lichtelijk twijfelend geweest, maar later klonken ze zelfvertrouwd, en vriendelijk.

18 Re: Het verhaal van Nórë op zo 5 feb - 20:52

Faye


VIP
Mylae
reactie op Morrow

Haar ogen waren vol verwachting, vol behoedzame nieuwschierigheid op de plaats in de duisternis gericht waar het andere wezen volgens haar ongeveer moest staan. Ze ademde langzaam in en uit, stond wijdbeens op de koude grot grond, vastgenageld. Al zou er een grauwende storm opkomen waarbij de lucht krijste en de wereld in de as zou worden gelegd, waarbij er huizenhoge golven haar zouden overspoelen dan zou Mylae nog niet van haar plaats wijken. Want iedere actie in Nórë leidde tot een reactie, zoals het verdwijnen van de zon ervoor zorgde dat de maan aan de hemel kwam te staan. En nu had de actie van Mylae ook een reactie veroorzaakt, vol verholen afschuw keek ze toe hoe een regen van vonken de grot deels deed oplichten en uiteindelijk als sintels neerdwarrelden op de grond. Haar stemgeluid had er even over gedaan om de afstand tussen de twee paarden te overbruggen maar ze was er zeker van dat ze gehoord was. Oh, Mylae hoefde niet te schreeuwen om te zorgen dat anderen luisterden, ze hoefde niet te roepen om iemand volledige aandacht te krijgen. Nee, de kleine gemuteerde gruwel was zo opvallend dat ze aandacht aantrok als een magneet. Het wachten op een antwoord duurde niet lang, al snel kwam er een stem uit de verte aanzweven. Een stem die bij de gloeiende sintels op de grond hoorde. Ze wachtte even met het beantwoorden van de stem, zorgde ervoor dat haar ziel net zo rimpelloos was als voordat ze de magie per ongeluk had losgelaten. Morrow, herhaalde ze langzaam in gedachten. Ze analyseerde de naam, proefde de klank ervan op haar tong en bedacht toen, langzaam, dat ze deze naam niet kende. Dus kende ze deze persoon ook niet. En wie was zij? Zij was het monster, de gruwel die verborgen zou moeten zijn, die weggevaagd zou moeten worden van deze aarde. Maar ze zou vechten tegen die storm, tegen die apocalyps. Want leven was het hoogste goed, leven boven de dood. "Mylae.." fluisterde ze zacht, terwijl de wind die was opgestoken het woord naar Morrow toeblies, zwaar beladen met de afschuw die Mylae voelde voor haar eigen wezen.
De goudkleurige merrie -wat een contradictie, ze had een vreemde pure práchtige gouden kleur en vanbinnen voelde ze zich zo zwart als de donkerste nachten, niet naar de kleur en helderheid van de zon- was zo geconcentreerd bezig met het paard voor haar, dat ze niet had gemerkt wat er achter haar gebeurde. Maar de grot weerkaatste alle geluiden en de echo's bereikten nu haar oren. Dit keer kon ze voorkomen dat ze de magie losliet. De zon schijnt overdag zo fel dat hij de maan en de sterren verbleekt, maar wanneer de zon verdwenen is kunnen de maan en de sterren schijnen alsof ze de zon zelf zijn. Zo. Met de aandacht op die gedachte en niet gericht op het ongenoegen achter haar -want nog meer paarden zouden nog meer emoties geven en nog meer paniek en uiteindelijk zou Mylae niet instaan voor de gevolgen- bewoog ze zich zachtjes naar voren. Een zijgedachte stak op, als een zijtak van een gigantische boom, en Mylae luisterde erna. Ja, dat paard voor haar, Morrow, ze wist niet wat deze zou doen als Mylae dichterbij kwam. Haar hoeven kletterden op de stenen en de kleine merrie koos haar woorden heel voorzichtig. "Morrow, ik loop nu langzaam naar je toe, maak je geen zorgen, maar ik wil graag deze grot uit voordat er iets gebeurd. Ik ben namelijk niet zo goed in grote gezelschappen. Je mag anders wel wat interessants vertellen? Ik vind het leuk om verhalen te horen.." en dan kan ik me daar op concentreren in plaats van in paniek te raken en de wereld te vernietigen. Onuitspreekbare gedachten.

19 Re: Het verhaal van Nórë op di 7 feb - 19:29

Fawn


Morrow:
Kleine golfjes vormden zich om haar benen terwijl ze de magie opsnoof. De magie die 'Die Stem' haar kant op had gestuurd, bewust of niet. Het rook naar lente, naar een geur die haar deed denken aan de zon - zelfs wanneer ze wist dat lichtstralen geen geur hoorde te hebben, en het rook naar spanning en wantrouwen - niet per se wegens háár. Het was een ontdekking die ze niet begreep, maar ook weer wel.
Zachte nieuwe stemmen baanden zich een weg door de grot, vormden zich als een onduidelijke echo en lieten zich naar haar toe begeleiden. Een siddering gleed door haar heen, door de muren. Als mislukte radiogolven die maar geen verbinding konden vinden. Ze voelde het, de kronkeling, de storing in haarzelf, in de magie... maar iets hield haar tegen. Iets bekends en onbekends.
Ondanks dat het water boven en onder haar een blauwe lichtgevende gloed af gaf, was het verder donker. Enkele druppeltjes schoten omhoog wanneer ze haar hoef verzette in het ondiepe water en dropen al gloeiend het stille meer in. Bang dat het in één keer naar beneden zou vallen was ze niet. Echter werd nu ook het eerst zo spiegelgladde oppervlak van het meer verstoord, begon het hoorbaar te klotsen waardoor er water losgetrokken werd en zich door de ruimte begon te bewegen. Verrast door dit plotseling verschijnsel draaide ze haar blik eerst omhoog en daarna snel naar het punt waar ze Die Stem vandaan had horen komen... Nu opnieuw in haar oren hoorde galmen.
Wat? Verbijstering en een lichte paniek sloeg toe, bleef echter nog altijd roerloos staan. En waarom leken de woorden 'maak je geen zorgen' en 'voordat er iets gebeurd' haar zo onsamenhangend? Het brein wat al die jaren simpelweg gewend was geraakt aan het eenzame, monotone bestaan sloeg op hol. Had het simpelweg niet meer. Te laat besefte ze dat het bijna fijn was geweest. De afstand die er tussen hen in had gezeten zonder het moeten reageren. Maar die veiligheid verdween langzaam terwijl het onstabiele water door de bewegingen, stemmingen en gedachtes steeds heviger begon te bewegen. Ook Morrow voelde nu dat Mylae haar kant op draafde. Ze wilde iets zeggen maar wist niet wat. ‘Heu... Mylae...?’
En toch.
Misschien juist omdat Morrow gespannen en wantrouwend was, begon een vage achterhoek in haar hersenen te draaien. Of niet. Want alle nu onbelangrijke gedachtes in haar hoofd stierven weg, maakte plaats voor alleen die ene vraag. Toch vroeg Mylae om teveel; ze wist geen verhaal, niets wat leuk of interessant genoeg was om naar te luisteren. Geen verhaal... ‘’ Ze hoorde hoe het hoefgetrappel in snelle bewegingen haar kant op kwamen. Een steek in haar hart deed haar slikken. Morrow was niet bang. Ze wilde haar geruststellen, troosten. Alsof een vreemd automatisme haar bewegingen beïnvloedde opende ze haar mond, bleven de klanken weer kort steken... tot een mengeling van pure tonen de grot verlichtten. ‘De zon uit het zuiden, gezel der maan...’ De melodie vloeide uit haar keel, liet de noten in een trance over haar lippen glijden, vormden een eeuwen oud lied.
‘...wierp de rechterhand om de rand van de hemel.’ Onnadenkend hief ze haar kop.
‘De zon wist niet waar haar zalen waren. Noch wisten de sterren hun stand aan de hemel, noch wist de maan welke macht zij bezat.’ Een zilveren gloed gleed in haar lichte ogen.
‘Een zaal zag ik staan, voor de zon verborgen, op het dodenstrand, de deuren noordwaarts, gifdruppels vallen, door het gat van het dak, en slangen omwinden de wanden der zaal.’ Het lied, gedicht dat ze kende, dat ze zong kende ze enkel uit het geritsel van de bladeren, het gewoei van de vier windstreken, het gekraak van de bomen, het geknisper van het vuur, het geklots van het water. Nooit had ze de woorden vertaald uit hun taal naar de hare. ‘Daar zag ik waden, door wielend water, meineedzweerders, giganten en moordenaars. Daar likte Nidhoggr het lichaam van de doden...’
Ze keek op toen een gouden veeg haar netvlies kleurde, verbak haar gezang waardoor een stilte viel. Die Stem, Mylae's vacht had een kleur van goud, leek alsof ze een bepaalde gloed verspreidde. Iets wat haar logischer wijs deed denken aan de stralen van de zon, maar dan uitvergroot. Een rilling bekroop haar, deed haar beseffen dat ze niet de enige was die weg wilde. Bovendien bracht het de Niemand - die ze juist even had weten weg te stoppen - weer naar boven, nam het weer de overmacht. De witte fonkeling in Morrow's ogen verdween, kreeg zijn lichte turquoise kleur terug. Haar brein functioneerde weer, haar blik kreeg de gewoonlijke nonchalantie terug. Klaar voor alles wat deze merrie voor kritiek met zich zou brengen.
Desondanks was er nog steeds dat ene gevoel.
‘Kom.’ Het woord was eruit voor ze er erg in had, maar ze had zich al in een versnelde beweging omgedraaid en het terugnemen kon ze niet meer. Haar kop keek nu de tegengestelde kant op, het donker in. Het vervaarlijk klotsende meer wat boven haar de grot verlichte met zijn lichtblauwe gloed liep in een kronkelige lijn door, echter in duisternis gehuld. Het water reageerde tenslotte enkel door licht te geven wanneer er grote organisme in de buurt waren, zoals waar zij zich nu bevonden. Maar daar... Bedenkzame denkrimpels gleden over haar voorhoofd. Kort kneep ze haar ogen samen voordat ze besloot de gok erop te wagen en niet langer stil te staan bij het gevaar, haar onwetendheid en de duisternis waar hun onduidelijke pad omsloten met water zich in hulde. Net op het moment dat de stemmen achter hen harder werden, zette ze zich af, verstoorde met die beweging het zwakke houvast wat het water boven en onder hen had waardoor het als een woeste oceaan inéén storte achter hen.
Dit had ze niet verwacht.
Half in schrok keek ze om, echter niet om haarzelf. ‘MYLAE!’, was een felle poging om over het gebulder van het ontembare water wat nu overal om hen heen vloog uit te komen. Paniekerig zochten haar opengesperde zilverblauwe ogen om haar heen. ‘MYLAEÉ!’ Naast haar ontdekte ze een gouden veeg en ze begon te rennen. De duisternis in.


_________________

Got a secret Can you keep it? Swear this one you'll save
Better lock it in your pocket Taking this one to the grave
If I show you then I know you Won't tell what I said
Cause two can keep a secret, if one of them is dead

20 Re: Het verhaal van Nórë op wo 8 feb - 23:31

Faye


VIP
Mylae


Het kletterende geluid van haar hoeven op de staalharde grond van de grot werd nog vele malen weerkaatst door de grotwanden. Het was een vreemd, bijna angstaanjagend geluid, dat de hele grot vulde en in de verte spookachtig wegstierf. Ze hoorde de stem van degene die zichzelf als ‘Morrow’ had voorgesteld. ‘Heu... Mylae...?’ Als een filter verdween het geluid van haar kletterende hoeven op de achtergrond en kwam de stem een eindje verderop weer op de voorgrond. “Hmm?” Maakte ze –een volgens haar kalm en evenwichtig geluidje- terwijl ze zachtjes snoof. Er was geen geur, behalve de geur van Morrow, die ze al een beetje onder vertrouwd begon te bestempelen, of in ieder geval viel deze nu onder het kopje ‘bekend’. Dat was fijn voor de merrie met-de-kleur-van-de-opgaande-zon omdat ze dan geen angst voor de vreemde geur hoefde te hebben, want ze zag de merrie niet als een vijand. Als vriend werd ze ook niet bestempeld – nog niet misschien- maar dat was ook voor haar eigen bestwil. Degenen die je beter kenden wisten ook je zwakke plekken, wisten je te raken en trokken je emoties naar het oppervlak. En dat was absoluut iets wat Mylae nu níet wilde. Want als haar hefstigste emoties zoals liefde, geluk, verdriet, opgediept werden uit de diepe zee die haar ziel heette dan kon ze niet instaan voor het geweld wat ze in deze wereld zou ontketenen.

Haar verzoek werd ingewilligd, er kwam een verhaal. De jonge merrie wilde haar ogen sluiten en verder rennen, luisterend naar het verhaal, vluchtend voor al het andere. Maar met het oogpunt op veiligheid hield ze haar ogen open, wanneer ze langzamer had gelopen had ze het misschien gewaagd om als een blind paard door de grot te lopen, want ze wist dat dit wel mogelijk was. Ze kon namelijk aan de weerkaatsende geluiden horen waar de randen van de grot waren en op die manier een veilige weg vinden, maar het ging te snel, te chaotisch om haar plan ten uitvoer te brengen. Het lied van de merrie deed kippenvelhaartjes in haar nek omhoog komen en Mylae haastte zich dichterbij. De sterren en de maan hadden haar altijd al gefascineerd. “Nidhogg..” herhaalde ze langzaam, wetend wat het mythische wezen teweeg kon brengen. Als ze zich maar een te levensechte voorstelling van het monster kon maken, wist Mylae bijna zeker, dan zou ze het monster kunnen bevrijden uit de onderwereld- waar het gevangen zat tussen de wortels van de Yggdrasil. Niet dat ze dat wilde hoor.

‘Kom’. De boodschap was duidelijk, het woord bevatte maar weinig emotionele waarde – wat alleen maar fijn was voor Mylae- en ze draaide haar hoofdje een beetje schuin toen ze Morrow, nu van heel dichtbij, nieuwsgierig aankeek. De verbazingwekkende turquoise ogen leken angstig en het duurde even voordat het tot de kleine merrie doordrong waarom. Het water, het vreemde angstaanjagende water om hen heen, leek wel tot leven te komen en greep naar de paarden met zijn koude tentakels. “RÉNNEN, NÚ!” Gilde Mylae, nog net horend hoe Morrow haar naam schreeuwde. Haar stem sloeg over en ditmaal was haar ziel, waar ze eerst zo’n best voor had gedaan om glad en rimpelloos te houden, als een zee bij windkracht 10. Schuimkoppen sloegen tegen de kust, golven overspoelden het strand. En het water van het buitenaardse meer kreeg haar in zijn greep, een golf sloeg haar benen onder haar vandaan en ze klapte op de grond, klauterde weer overeind. Ze sprintte verder, terwijl het water de weg naar haar longen vond via haar neusgaten. Het brandde en hoestend struikelde Mylae nogmaals, terwijl de angst haar ijskoud om haar hart sloeg. Ijskoud. Mylae rilde, toen de temperatuur in de grot plotseling onder het vriespunt daalde. Ze voelde hoe de magie door haar hele wezen heen stroomde en zonder dat ze het tegen kon houden –het gebeurde vanzelf, door de paniek, ze kon er oprecht niets aan doen- en het monsterlijke water bevroor terplekke terwijl het hen dreigde te overweldigen. Mylae zocht naar de merrie met-de-vacht-van-een-roofdier en gleed bijna uit over het bevroren water. Een hele reeks onbeschofte vloeken vlogen ongecontroleerd uit haar mond en vervolgens jammerde Mylae met een schuldbewuste blik, “sorrysorrysorry, dit is allemaal mijn schuld!”

21 Re: Het verhaal van Nórë op do 9 feb - 19:26

Seafra


Zoo, mijn Nëya ook ^^

Spoiler:
Naam: Nëya
Leeftijd: 4 jaar
Geslacht: Merrie
Gespeeld door: Seafra

Uiterlijk: Op het eerste gezicht zou je niet zeggen dat deze merrie een bijzonder uiterlijk heeft. Toch heeft ze wel iets aparts met haar diepzwarte vacht. Tussen haar neusgaten zit een klein snebje en een lok zilverwit haar siert haar manen en staart. De pluk in haar manen zit precies zo dat een deel tussen haar oren door naar voren valt en de rest langs haar hals hangt. In haar staat zit een sliertje zilver. Echter zijn haar ogen het opmerkelijkste van allemaal; oorspronkelijk hebben deze een donker paarse kleur, echter is er een duidelijke waas over haar ogen die ze meer blauw dan paars lijkt. Dit komt doordat ze Nëya blind is.
Daarnaast heeft ze net zoals haar vader twee extra scherpe hoektanden in haar bovenkaak zitten. Echter hoeft ze niet net zoals haar vader alleen bloed te hebben, ze kan ook op gewoon voedsel leven.

Magie: Op een of andere manier hebben de goden Nëya gezegend met helende krachten, echter kan ze deze alleen gebruiken als ze uit het diepste van haar hart komen. Wat dus inhoud dat ze niet in staat is verwondingen van anderen te helen als ze in een duistere stemming is. Echter beheerst ze ook een totaal tegenovergestelde soort magie van de helende krachten, als ze echt wil kan ze namelijk levensenergie van een ander aftappen en zichzelf hier mee helen of ergens in haar lichaam opslaan.

Karakter: Als dochter van twee uitersten –haar moeder was een jonge, opgewekte en ontzettend naïeve merrie die zo in zeven sloten tegelijk liep en haar vader een duister wezen dat eigenlijk niet eens meer paard genoemd zou kunnen worden, een beest was meer toepasselijk– heeft ze van beide wel wat karaktertrekken meegekregen. Toch lijkt ze niet zozeer écht op haar ouders. Ze geniet van stilte en rust om zich heen, maar gezelschap van enkele die dicht tot haar staan stelt ze ook op prijs. Elke nieuwe situatie benaderde ze op een kalme, rustige manier en pas als ze deze volledig beoordeeld heeft zal ze zich echt volledig op haar gemak voelen. Nëya is iemand die ondanks dat ze blind is toch aardig haar weg kan vinden zonder zichzelf te verwonden. Als iets haar niet zint laat ze dat eerst op een duidelijke manier blijken, maar is de grens overschreden dan kan ze toch aardig uit haar vel schieten en neemt haar donkere kant het over.



Laatst aangepast door Seafra op do 9 feb - 20:58; in totaal 1 keer bewerkt

22 Re: Het verhaal van Nórë op do 9 feb - 20:19

Visual


VIP
Kayla

Reactie op Zedd
''Ik had het tegen degene die ik hoorde. Maar dat kunnen desondanks nog steeds paarden van één kilometer verder opzijn. Zeddocus z'ull Olander, is de naam. Je mag me Zedd noemen.'' Kreeg ze als anders. Uiteraard, het kon ook een van de paarden verderop zijn. In ieder geval, degene die te zien waren. Heel veel was een illusie, geschept door een wezen, minder doordacht, minder intelligent, maar met eenvoudige doch onbegrijpelijke magie. Magie was altijd eenvoudig. Magie was altijd onbegrijpelijk. Ze had dat op de harde manier moeten leren. De heel harde manier. Ze herinnerde haar eerste uitbarsting. Ze was woedend. Ze wilde de hele wereld op z'n kop leggen. Het was een hengst, haar vader. Haar bloedeigen vader had haar broer vermoord. Maar niemand die daar vanaf wist. Totdat het gebeurde. Ze zag de hele scene voor zich.

"Papa? Papa! Wat doe je? Waar is Frato?" Haar kleine hoefjes waren na een lange vermoeiende dag niet meer in staat hard tegen de grond aan te knallen terwijl ze vooruit strompelde. Haar moeder was doodmoe op de grond gevallen, meteen in slaap gevallen. Zij ook echter, maar ze zag haar vader de bossen in gaan. Meteen was ze hem achterna gelopen, ze hoorde de hoefstappen nog duidelijk. "Papa! Kom terug! Frato! Help!" Frato was haar volwassen broer. De laatste dag was hij nog met hen meegereisd. Halverwege de middag ging hij zijn eigen weg. Was hij weggegaan. Haar broer was van brons. Zij van zilver. Haar moeder van goud. En haar vader? Haar vader was zwart. Door en door zwart. Ze had er niets op tegen. Ze vond de zwartzilveren glans mooi. Maar dat vond ze minder toen ze de hoefstappen hoorde stoppen, en papa vlak voor Frato stond. Frato... Ze wilde roepen, maar iets zei haar dat niet te doen. En dat iets waren de ogen van Frato. Frato's magie was alles met telepathie. Van en naar kon hij telepathie. En dat moment zei hij in haar gedachten. Weg. Kom nooit meer terug. Ze wist niet wat er ging gebeuren. Maar plotseling, toen ze de vlammende hoeven van haar vader zag terwijl hij zich klaarmaakte, begreep ze het. Frato was niet meer bestemd te leven. Het was zijn lot niet meer te leven. Het was zijn lot te sterven. Ze ging terug naar haar moeder, die haar verward aankeek, maar Kayla zei niets. Ze liep langs haar moeder heen, verder weg, naar een grote klif. Ze ging op het randje zitten. Toen kwam haar vader, vragen wat er aan de hand was, niet wetend dat hij was gevolgd door haar. Woest draaide ze zich om. "Vraag maar aan Frato. Maar diens lot is het om te sterven. Dus misschien kan je dat nu niet meer vragen." Haar vader kreeg door dat ze hem gevolgd had. "Wat? Waar heb je het over? Frato was gewond geraakt door een wolf. Ik had zijn leven moeten beëindigen, hij vroeg er zelf om!" Ze geloofde er geen woord van. En ze wist dat ze goed zat. Ze probeerde haar woorden formeel te houden, om haar woede te bedekken. Het was onvermijdelijk. "GENOEG!" Ze draaide zich om, haar fel lilakleurige ogen werden wit en verbijsterd stapte haar vader achteruit. Met een totaal andere, angstaanjagende stem zei ze: "Het was Frato's lot te sterven voor jouw ogen, door jou. Het is jouw lot te sterven voor mijn ogen, door mij." Een helse vloedgolf werd over de klif uitgezonden, de oranjegele grassprietjes en paarse plantjes werden verdord, en de bomen werden rood van haar woede. In haar vader's ogen was de angst te lezen. De doodsangst. Ze hinnikte van woede en verdriet om haar broer Frato. Haar vader werd door een ontstane krachtveld in de lucht gesmeten, een tweede vloedgolf vanuit de lucht gaf hem een klap, en liet hem over de klif gooien. Maar het krachtveld rondom Kayla werd kleiner. Het werd zo klein, het begon te snijden in Kayla. Ze was woedend, verdrietig, en had veel pijn. Maar toen zag ze haar moeder. En ze bedaarde. Dat gebeurde in enkele milliseconden tegelijk. Samen gingen ze naar de rand van de klif, kijkend hoe haar vader naar beneden stortte. En moeder? Moeder was alleen blij, dat haar dochter nog leefde, en dat haar partner niet meer leefde.

Daarna had ze een week niet goed kunnen lopen door de snijwonden in haar been, wist Kayla, en ze wist ook dat haar ogen zwart werden. Zou dat haar originele oogkleur zijn, had ze nog gedacht? Haar moeder vertelde haar, nooit haar magie zo erg te uiten als toen die keer. Maar ze kon er niets aan doen. Het was haar lot zo te zijn. Net zoals Frato's lot, en haar vader's lot. Kayla antwoordde tegen de hengst die zich had voorgesteld als Zedd: "Aangenaam. Mijn naam is Kayla." Haar stem klonk honingzoet en helder tegelijk. Zoals de meeste stemmen van merries klonken. Ze probeerde niet meer te denken aan de eerder genoemde gebeurtenis, aangezien ze dan weer overstuur raakte, of in gedachten raakte. En dat wilde ze niet bij een van de weinige gezelschappen in Nórë.

23 Re: Het verhaal van Nórë op do 9 feb - 21:20

Faye


VIP
@ Seafra - Superleuk dat je ook meedoet =D, ik zal je bij de rest van de aanmeldingen zetten <3.

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven  Bericht [Pagina 2 van 2]

Ga naar pagina : Vorige  1, 2

Permissies van dit forum:
Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum












ChatBox
Free forum | © PunBB | Ondersteuningsforum | Contact | Meld misbruik | Maak een gratis blog