16
Re: A strong Wind will teach Me how to Fly... op di sep 21, 2010 10:52 pm
Mýsla
Een zachte bries zorgde ervoor dat haar neusgaten trilden en haar oren waren naar opzij gedraaid. Haar ogen fonkelden nog, maar zwak. Praten over haar verleden vond ze erg moeilijk en het was al heel wat dat ze dit al verteld had. Haar blik gleed naar de hengst en ze liet haar hoofd een beetje zakken. Bij het horen van zijn woorden glimlachte ze dankbaar en knikte ze. Het was fijn om vrienden te hebben, dat wist ze zelf heel goed. Maar ze wist ook hoe snel vrienden zich tegen je konden keren. En ze wist dat het een tijd zou duren voordat ze echt weer iemand zo dichtbij kon laten komen dat hij of zij zich een vriend kon noemen. Een echte vriend die alles van haar wist. De vraag die de hengst daarna stelde overviel haar een beetje, maar ze liet niets merken. Ze was vastbesloten om hier op DH een nieuw leven te beginnen, en dat had ze eigenlijk ook gedaan. Tot nu toe kon ze met zekerheid zeggen dat Falcon een vriend van haar was; hij was de eerste die ze hier ontmoet had. Zwijgend keek ze de hengst recht aan en ze koos haar woorden zorgvuldig uit. ”Ja, in zekere zin wel.” Hij zou wel begrijpen waarom haar antwoord een beetje vaag was. Het was moeilijk voor haar om paarden toe te laten binnen de muur die ze om zichzelf had heen gebouwd, maar langzaam zouden ze dichterbij kunnen komen. ”Ik zal jou als een vriend beschouwen.” sprak ze daarna zacht, maar vastberaden. Ze wist dat hij ook een moeilijk verleden had en wilde er voor hem zijn. Dat was iets wat iemand die zich een vriend van haar kon noemen altijd van haar kant kon verwachten. Wat dat betreft was ze heel trouw; ze zou anderen nooit verraden of minderwaardig behandelen. Ze wist hoe het was om onrechtvaardig behandeld te worden en ze wilde anderen die pijn en vernedering niet aandoen. Langzaam kwam ze weer tot zichzelf en ze schudde haar hoofd terwijl ze een keer diep in en uitademde. Haar oren draaiden weer naar voren en haar ogen leken weer terug te zijn in het heden. ”De tijd zal ervoor moeten zorgen dat ik paarden dichtbij me zal laten kunnen komen, maar ik zal jou als een vriend beschouwen.” Ze sprak nu duidelijk en glimlachte vriendelijk; de glimlach was gemeend. Hoewel haar woorden misschien zakelijk en afstandelijk klonken, bedoelde ze het niet zo. En ze wist wel dat de hengst haar zou begrijpen.





